Het ministerie
Mijn vierde maand in Palestina is onlangs ingegaan. Dat betekent dat het tijd is om mijn visum te verlengen. Er zijn verschillende manieren om dat te doen, onder andere via het buitenland, maar ik wou het langs de officiële weg proberen, bij het Israëlische ministerie. Ik kan hen trouwens niet vertellen dat ik in Ramallah woon en Palestijnen interview, want dan krijg ik zeker geen toeristenvisum meer of zelfs geen visum tout court.
Midden december heb ik een afspraak gemaakt en vorige donderdag zat ik klaar, met al mijn documenten, een pasfoto en 145 shekel. Én met mijn vals adres in Jeruzalem, van mijn Nederlandse vrienden bij wie ik ook echt vaak logeer. Zij wonen in Oost-Jeruzalem, het Palestijnse gedeelte van de stad.
Alles leek min of meer in orde, behalve dat adres. Was dat niet in de Oude Stad? Ik zei – naar waarheid – dat dat niet het geval was.
De Oude Stad is maar een stuk van Oost-Jeruzalem, en die straat ligt daar buiten. Ja maar! Is het in de Oude Stad? Neenee. Dat is toch in de Oude Stad? Nee!
De vrouw ging even weg en kwam terug met de mededeling dat dat adres samen met de Oude Stad onder een andere dienst viel. Ik kon dus geen stempel van haar krijgen. Waar moest ik dan heen? Dat wist ze niet. Hoezo? Nee, ze wist het niet. Écht niet? Nee, of wacht, ze dacht dat het in Nablus Road 17 was. Ik vroeg haar of het toch om een afdeling van het Ministerie ging (haar collega's dus) en dat bevestigde ze. Vreemd dat ze niet weet waar haar collega's zitten...
Briesend vertrok ik naar Nablus Road, maar het was al na 13u, dus ik wist dat het al dicht zou zijn. Het was niet alleen dicht, het was al maanden gesloten. Palestijnse winkeliers in Nablus Road wisten me te vertellen in welk gebouw ik moest zijn en welke bus ik daarheen moest nemen. Ik daarnaartoe.
Het gebouw in kwestie bleek een immens nieuw gebouw te zijn. De soldaat aan de ijzeren draaideur wist me te vertellen dat het gesloten was en dat hij geen Engels sprak. Maar ik moest en zou weten wanneer het open was, dus ik bleef hem vragen stellen tot hij me in goed Engels vertelde dat het elke dag open was. Elke dag, dus ook op vrijdag?
Nee, op vrijdag is het gesloten. En op zaterdag? Ah nee, dan is het sabbat. En zondag? Ja, dan wel. Om 7u 's morgens zou het open gaan.
Met tranen in mijn ogen (en ja, op mijn wangen) vertrok ik met het voornemen om morgenvroeg, zondag om 7u stipt aan het draaihekken te staan, in de hoop dat ze mij zonder afspraak zullen binnenlaten.
Wordt vervolgd.
Mijn vierde maand in Palestina is onlangs ingegaan. Dat betekent dat het tijd is om mijn visum te verlengen. Er zijn verschillende manieren om dat te doen, onder andere via het buitenland, maar ik wou het langs de officiële weg proberen, bij het Israëlische ministerie. Ik kan hen trouwens niet vertellen dat ik in Ramallah woon en Palestijnen interview, want dan krijg ik zeker geen toeristenvisum meer of zelfs geen visum tout court.
Midden december heb ik een afspraak gemaakt en vorige donderdag zat ik klaar, met al mijn documenten, een pasfoto en 145 shekel. Én met mijn vals adres in Jeruzalem, van mijn Nederlandse vrienden bij wie ik ook echt vaak logeer. Zij wonen in Oost-Jeruzalem, het Palestijnse gedeelte van de stad.
Alles leek min of meer in orde, behalve dat adres. Was dat niet in de Oude Stad? Ik zei – naar waarheid – dat dat niet het geval was.
De Oude Stad is maar een stuk van Oost-Jeruzalem, en die straat ligt daar buiten. Ja maar! Is het in de Oude Stad? Neenee. Dat is toch in de Oude Stad? Nee!
De vrouw ging even weg en kwam terug met de mededeling dat dat adres samen met de Oude Stad onder een andere dienst viel. Ik kon dus geen stempel van haar krijgen. Waar moest ik dan heen? Dat wist ze niet. Hoezo? Nee, ze wist het niet. Écht niet? Nee, of wacht, ze dacht dat het in Nablus Road 17 was. Ik vroeg haar of het toch om een afdeling van het Ministerie ging (haar collega's dus) en dat bevestigde ze. Vreemd dat ze niet weet waar haar collega's zitten...
Briesend vertrok ik naar Nablus Road, maar het was al na 13u, dus ik wist dat het al dicht zou zijn. Het was niet alleen dicht, het was al maanden gesloten. Palestijnse winkeliers in Nablus Road wisten me te vertellen in welk gebouw ik moest zijn en welke bus ik daarheen moest nemen. Ik daarnaartoe.
Het gebouw in kwestie bleek een immens nieuw gebouw te zijn. De soldaat aan de ijzeren draaideur wist me te vertellen dat het gesloten was en dat hij geen Engels sprak. Maar ik moest en zou weten wanneer het open was, dus ik bleef hem vragen stellen tot hij me in goed Engels vertelde dat het elke dag open was. Elke dag, dus ook op vrijdag?
Nee, op vrijdag is het gesloten. En op zaterdag? Ah nee, dan is het sabbat. En zondag? Ja, dan wel. Om 7u 's morgens zou het open gaan.
Met tranen in mijn ogen (en ja, op mijn wangen) vertrok ik met het voornemen om morgenvroeg, zondag om 7u stipt aan het draaihekken te staan, in de hoop dat ze mij zonder afspraak zullen binnenlaten.
Wordt vervolgd.

4 Comments:
Shit shit shit & duim. Geef ons snel een update.
Het is te hopen dat ge intussen al weer buiten zijt, als ge al ooit binnen zijt geraakt natuurlijk. Kortom... wij willen het vervolg!
Eline, we pissen bijna in onze broek van de spanning! Laat ook zeker iets weten als iemand van ons iets kan doen via een undercovermissie (bijvoorbeeld naar de Spar in de Forelstraat)
W:m & Jovanka
En? En? Loop je alweer met een stralende glimlach rond? Of zijn ze nog altijd lastig aan het doen? Vertel snel.
Een reactie posten
<< Home